Financieel Toetsingskader Pensioenen

Financieel Toetsingskader Pensioenen

Standpunt van CSO/NVOG/KNVG inzake Aanpassing Financieel Toetsings-Kader, 2014 

In de afgelopen twee jaren zijn de mogelijkheden voor de jaarlijkse pensioenopbouw in twee stappen verlaagd van maximaal 2,25% naar 1,875%. Dit leidt tot een verlaging van het bereikbare pensioen voor iemand die nu pensioen begint op te bouwen met 17% in vergelijking met iemand die nu met pensioen gaat.

Het nieuw Financieel Toetsing Kader (nFTK) eist van hogere pensioenbuffers en gewijzigde indexatieregels opnieuw tot een forse vermindering van het bereikbare pensioen. Dit bereikbare pensioen zal hoogstwaarschijnlijk nogmaals met 25% dalen, terwijl door het niet indexeren in de afgelopen vijf jaren nog eens een tekort van 6% is ontstaan.

Dit is in het totaal een daling van het bereikbare pensioen met 48%! De kans, dat deze dalingen gezien de nieuwe pensioenregels goed gemaakt worden is minimaal en dan zijn we zeker 40 jaar verder.

Zoals ook in de memorie van toelichting van de nieuwe pensioenwet staat aangegeven, is het doel van pensioen het behoud van koopkracht; uiteraard zowel bij het ingaan van het pensioen als na pensionering.

De nieuwe regels, gegeven de huidige pensioensituatie, leiden voor alle betrokkenen tot een forse daling van de koopkracht, zowel voor actieven als voor gepensioneerden, met name omdat de komende 10-15 jaar geen indexatie verleend kan worden en de regels voor inhaalindexatie daarna zodanig zijn dat dit over zeer lange termijn zal moeten worden uitgesmeerd. Hierover zijn alle betrokken deskundigen het eens.

De effecten zijn voor de actieven, zoals boven aangegeven, desastreus. Voor net gepensioneerden kan het oplopen tot een koopkrachtverlies van 19%, maar velen zullen dat gezien hun leeftijd niet meer mee maken. Los van de koopkrachteffecten voor de individuele betrokkenen zal dit ook grote macro-economische effecten hebben.

Wat staat er in het nFTK:
• Pensioenfondsen hebben te maken met twee grote risico’s, namelijk de rente en de aandelenmarkt. Sinds de invoering van het huidige FTK is het niveau van de rente gedaald van 5% naar 2,5%. Daarmee is het neerwaartse renterisico fors gedaald. Toch moeten de pensioenbuffers fors omhoog, alsof dit renterisico hetzelfde is gebleven. De verhoging van de buffers leidt tot enige jaren afstel van indexering alvorens tot de normale aanpassing van de pensioenopbouw en het ingegaan pensioen kan worden overgegaan. Logischer zou zijn de hoogte van de buffer te relateren aan de hoogte van de rente: nu een lagere buffer dan de huidige norm en bij 5% rente een hogere.

• Gegeven de huidige dekkingsgraad van de meeste pensioenfondsen van zo’n 110%, zal het naar verwachting 15 jaar duren voor de pensioenopbouw van de actieven volledig aan de verwachte contractloonstijging aangepast kan worden en 10 jaar voor gepensioneerden weer volledig compensatie voor de prijsinflatie kunnen krijgen. (respectievelijk 3% en 2% per jaar volgens de commissie parameters). Per 10 dekkingsgraadpunten boven de 110% dekkingsgraad mag 1% compensatie gegeven worden. Daarnaast mag volledige loon- c.q. prijscompensatie volgens de nieuwe regels pas gegeven worden als deze verhoging naar de toekomst toe ook bestendig gedaan kan worden. Wederom een extra verzwaring van de eisen en daarmee vertraging.

• Het inhalen van niet gegeven indexatie of herstellen van doorgevoerde kortingen op de pensioenopbouw en ingegane pensioen mag pas als het verhoogde Vereist Eigen Vermogen bereikt is en er volledige loon- c.q. prijscompensatie gegeven kan worden. Zodra er dan ruimte voor inhalen of herstellen is, mag deze ruimte niet ineens gegeven worden, maar moet deze over 10 jaren uitgesmeerd worden. Voordat het verwachte 31% koopkrachtverlies van de actieven (door niet indexeren) goed gemaakt kan worden, zijn we nog eens vele jaren verder: waarschijnlijk in het totaal 40 jaar.

Bovengenoemde effecten zijn voor iedereen zeer pijnlijk, maar door de stapeling voor met name werknemers desastreus. Dit komt bij de doorrekening van de effecten door het CPB niet tot uitdrukking. Een bijsturing van de nieuwe pensioenplannen lijkt absoluut noodzakelijk, zowel gezien de individuele als de macro-economische effecten.

Toelichting op de berekeningen:

1. De daling van 2,25 naar 1,875 is 1,875/2,25, zijnde 83,3% en een daling van 17%

2. cao-loonstijging over de jaren 2010-2014, respectievelijk 1,1 1,2 1,4 1,0 en 1,5 en in het totaal 6,35%; bron 2014 AWVN en eerder CBS.

3. CPI afgeleid over de jaren 2010-2014, respectievelijk 1,7 2,2 2,0 1,3 en 0,6 en in het totaal 8,04%; bron CBS.

4. Contractloonstijging komende jaren 3% per jaar en prijsinflatie 2% per jaar; bron commissie parameters.

5. Uitgaande van de alom uitgesproken verwachting dat het zeker 10 jaar duurt voor er weer volledige indexatie gegeven kan worden, betekent dit dat we in 10 jaar van een dekkingsgraad van gemiddeld 110% naar 130% groeien. Dus een verwachte stijging van de dekkingsgraad met gemiddeld 2% per jaar. Dat wil zeggen na 10 jaar 130%, goed voor 2% prijscompensatie en na 15 jaar 140%, goed voor 3% loonstijgingscompensatie. Gemiddeld tekort actieven eerste 5 jaar 2,5% per jaar, zijnde 13,14%; tweede 5 jaar 1,5% per jaar, zijnde 7,73%; derde 5 jaar 0,5% per jaar, zijnde 2,53% met een totaal tekort van 24,96%. Voor de gepensioneerden zijn deze percentages respectievelijk 7,72% en 2,53% met een totaal van 10,45%

6. Voor gepensioneerden is het maximale verlies de 8,04% x de nog te verliezen 10,45%, zijnde 19,3%

7. Het totale verlies voor de jonge actieven zou 16,67% x 6,43% x 24,96% zou 55% zijn. De gemiddelde lezer zal het waarschijnlijk niet (goed) kunnen volgen als 17%, 6% en 25% genoemd worden, opgeteld 48%. Vandaar dat dit percentage gehandhaafd is.
8. Daarom spreken we ook over 31% in plaats van 6,43% x 24,96%, zijnde 32,99%. Uitgaande van nog steeds een aangroei van de dekkingsgraad met gemiddeld 2% per jaar gaan er zo’n 15 jaar overheen om deze 31% boven de 140% te kunnen uitkeren gaan. De herstelindexatie moet echter over 10 jaar uitgesmeerd worden. Dit betekent dat de laatste herstelindex, namelijk in jaar 15, ook over 10 jaar wordt uitgesmeerd en we 25 jaar verder zijn voor er volledig herstel is opgetreden.