Techniek
Domotica
Het begrip domotica omvat alle elektronische toepassingen in de woning om functies te besturen zoals verwarmen, ventileren of verlichten en diensten uit de woonomgeving te gebruiken zoals telefoneren of tv kijken. Dit gebeurt bij voorkeur flexibel: op iedere plek en op ieder tijdstip dat het de (oudere) bewoner uitkomt, met een eenvoudige bediening eventueel op afstand. Waar de focus bij domotica een paar jaar geleden met name lag op het verhogen van comfort en veiligheid in huis, wordt op dit moment gekozen voor efficiëntere energieverbruik.Daarna volgen luxe en comfort (34 procent) en veiligheid (11 procent) als redenen voor het aanschaffen van technische hulpmiddelen voor in de woning.
Domotica wordt veelal gekoppeld aan het langer zelfstandig willen blijven wonen van ouderen. De technische mogelijkheden van domotica lijken onbeperkt, maar de toepassing ervan wordt met name beperkt door de gebruiks(on)vriendelijkheid en de hoge kosten. De laatste tijd is tegen lage kosten en op vrij eenvoudige wijze toepasbaar domotica verkrijgbaar (bijvoorbeeld afstandsbediening voor het licht, timers). In de zorg (op afstand) wordt meer en meer gebruik gemaakt van domotica, o.a. bij dementerenden (dementica).
De gebruiksvriendelijkheid van veel toepassingen van domotica is vaak niet afgestemd op ouderen. De toepassingen zouden minder ingewikkeld en eenvoudig moeten worden om het gebruik te doen toenemen. De Unie KBO doet mee aan een Europees project (AAL) waarin gekeken wordt naar technische toepassingen (domotica) in de thuissituatie van ouderen.
|
|
Promotie technische producten
In het dagelijks leven wordt steeds meer gebruik gemaakt van technologische producten, diensten en voorzieningen. Voorbeelden hiervan zijn verpakkingen, de zogenaamde blisters, NS-kaartautomaten, de OV-chipkaart en pinautomaten.
Senioren hebben soms geen of onvoldoende toegang tot deze producten. Hierdoor voelen groepen senioren zich soms buitengesloten, ze lopen informatieachterstand op en worden in hun dagelijkse activiteiten belemmerd.
De terugtredende overheid legt de verantwoordelijkheid veel meer bij de burger, met alle gevolgen van dien. De senior moet langer zelfstandig wonen, eventueel met allerlei beschikbare, vaak technologische, hulpmiddelen.
Ander punt van aandacht is dat er een overvloed aan informatie over ons wordt uitgestort, vaak in niet-begrijpelijk Nederlands, waardoor een groot deel van de lezers afhaakt. Folders, brochures en formulieren van gemeenten en overheid kunnen onnodig ingewikkeld zijn en het taalgebruik is menigmaal onnavolgbaar.
Dienstverleners, overheid en ontwerpers houden onvoldoende rekening met oudere gebruikers. Steeds meer diensten zijn computergerelateerd.Ontwerpers van producten zijn vaak jonge mensen, die niet gewend zijn te denken met en voor senioren en die soms een negatief beeld hebben van de senior. Apparaten zijn vaak ingewikkeld. Het niveau van de voorlichtingsfolders is vaak hoog, de taal moeilijk. Men begrijpt niet wat er staat. De senior als gebruiker wordt onvoldoende betrokken bij het ontwikkelingsproces van producten.
Bij de ontwikkeling van producten wordt over het algemeen niet de senior als uitgangspunt genomen. Alhoewel dit de laatste jaren beter wordt door de aandacht die deze steeds maar groeiende groep krijgt. De oudere senior (vanaf 60 jaar) is niet opgegroeid in de digitale wereld. Een behoorlijke groep kan (vaak financieel) en wil hiermee niet (gedwongen) in contact komen. Een grote groep senioren volgt cursussen en vraagt om hulp als zij niet verder komen in de digitale wereld. De senior kan zich als groep sterk maken om op te komen voor de diensten en producten die zij afnemen en wensen.
|
|